ieniemienieblogmuis

blogt over van alles en nog wat

Zakdoek

Een reactie plaatsen

Mama streek ze en wist ze perfect te vouwen en te stapelen. De herenzakdoeken werden anders gevouwen dan de dameszakdoeken, maar de stapels waren even breed. Een prachtig gezicht was dat, die stapels zakdoeken naast het andere perfect gestreken en gevouwen linnengoed. In mama’s kast leken ze even groot, maar na het uitvouwen paste er echt minder snot in een dameszakdoek. Nog steeds onbegrijpelijk dat verschil. Er kunnen toch ook bloemetjes op een grotere lap katoen gedrukt worden? En is het niet zo dat vrouwen gemiddeld meer huilen en dus ook meer snotteren dan mannen? Wellicht is het een onbewuste vorm van protest tegen deze ongelijkheid, maar decennia lang gebruik ik geen katoenen heren- noch dameszakdoeken meer. In gevallen van snot of tranen pak ik een papieren versie of wijk ik uit naar wc- en keukenrollen. Pim niet: zijn katoenen lappen zijn hem heilig. Zijn herenzakdoeken liggen ongestreken, rommelig gevouwen en slecht gestapeld in zijn nachtkastje. Als mama het zou zien en als ze niet was gecremeerd, dan zou ze zich in haar graf omdraaien.

Gisteravond kon ik tijdens een spontane niesbui op het nippertje zo’n katoenen lap uit het nachtkastje van Pim graaien. Nog voor ik de nasale uitwerpselen in de zakdoek deponeerde, dacht ik aan de zakdoek van papa. Die zakdoek heeft een label met zijn naam en is de enige die niet is zoekgeraakt of is weggegeven.

Begin augustus 2012 brachten wij al zijn zakdoeken -en dat waren er heel veel- van zijn huis naar het UMCG. Zo’n anderhalve maand later, na zijn overplaatsing naar Innersdijk, waren bijna alle zakdoeken verdwenen. Niet alleen zakdoeken, maar ook kleding en andere persoonlijke bezittingen waren foetsie. Een speurtocht in het ziekenhuis leverde slechts één vaasje op. Zelfs zijn eigen zeer opvallende turquoise rollator was op dat moment onvindbaar. Met veel liefde en zorg kocht ik nieuwe kleding en zakdoeken voor hem. Alles werd met even veel liefde en zorg gewassen, gevouwen en ingepakt. Na een enkele reis van zo’n 210 kilometer mocht ik alles uitpakken en in een soort washok leggen. Om zoekraken te voorkomen, moest alles eerst gelabeld worden. Tijdens onze, helaas zo schaarse, bezoeken zagen wij de stapels slinken. Wij stonden er niet bij stil, het drong niet tot ons door.

Begin januari 2013 mocht papa de laatste reis van zijn geliefde noorden naar de Zaanstreek maken. Het verhuizen moest snel, veilig, maar vooral zo comfortabel mogelijk gebeuren. Een ambulance? Nee, we moesten hem zelf maar komen halen. De kussens in zijn eigen auto waren veel te zacht, dus de verhuizing moest met onze Panda. De avond voor de reis hadden wij de schaarse hoeveelheid meubeltjes al weggehaald. Op de reisdag pakten wij zo snel als wij konden de restanten in en wel zo dat papa naar keuze voorin of achterin kon zitten. Achterin de auto kon hij zelf een beetje liggen. Papa was zo ziek en zo schrikbarend mager: hij had letterlijk geen zitvlees meer. Met afwisselend voorin en achterin zitten, één mislukte plaspauze, één plas- en koffiepauze en een kort bezoek aan ons huis doorstond papa de reis ogenschijnlijk goed. Op de afgesproken tijd arriveerden wij in Het Guishuis. Na een zeer hartelijk, maar doodvermoeiende ontvangst -er moest nog langdurig intakegesprek plaatsvinden: de regeltjes- konden wij papa’s spullen naar zijn kamer brengen. Toen pas drong het echt goed door: er was veel kleding verdwenen, er waren weinig zakdoeken over. De overgebleven kleding en de zakdoeken moesten opnieuw gelabeld worden, want de was van Het Guishuis ging naar Groningen (!) en kon gemakkelijk zoekraken.

Nog geen vier weken later overleed papa. We spraken af dat wij zo snel mogelijk zijn spullen zouden weghalen. Zijn spullen troffen wij twee dagen later, rommelig gedeponeerd, aan in een ongebruikte badkamer. Zijn kamer, zijn plekje was al uitgeruimd. Begrijpelijk, maar zo onbeschrijflijk pijnlijk. Zijn kleding lieten we daar. Waarschijnlijk zijn de zakdoeken ook daar gebleven, behalve die ene.

Ik heb ‘m net uit het nachtkastje gepakt. Gewoon om ‘m even vast te houden, om ‘m even te zien. Hij ligt nu naast me en hij is ongestreken en dus enorm gekreukeld. Ik denk dat ik ‘m maar heel netjes ga strijken en vouwen, net zoals mama ook altijd deed. Maandag gebruik ik hem voor mijn tranen en gesnotter. Maandag ben ik een jaar een wees.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s